|
PRESS
REVIEW

229/05/02
BELGIË: BEHEERSCONTRACT GEEFT DE POST STRIKTE RICHTLIJNEN VOOR
POSTKANTORENNET. DE POST MAG "OP EEN ACTIEVE EN CREATIEVE MANIER"
HAAR SERVICEPUNTEN ONTWIKKELEN
CONCURRENTEN
KLAGEN OVER ILLEGALE SUBSIDIËRING
richtlijnen voor postkantorennet
BRUSSEL - De nieuwe beheersovereenkomst tussen De Post en de federale
overheid bevat een reeks bepalingen die moeten vermijden dat het
management van De Post begint te experimenteren met het netwerk
van postkantoren.
Van
onze redacteur Stefaan Michielsen
De
Post telt een uitgebreid netwerk van bijna 1.400 kantoren. Daar
zijn heel wat kleine kantoortjes bij die weinig klanten over de
vloer krijgen en onrendabel zijn. Om die reden had postbaas Frans
Rombouts vorig jaar voorgesteld om 400 kleine postkantoortjes te
sluiten. Meteen stonden de politici op hun achterpoten en Frans
Rombouts moest opstappen. Johnny Thijs volgde hem in december op.
Thijs krijgt niet de kans om het voorstel van Rombouts te herhalen.
In de nieuwe beheersovereenkomst, waarover maanden is onderhandeld,
staan gedetailleerde richtlijnen over het postkantorennet. Zijn
manoeuvreerruimte om daaraan te beginnen knutselen, is bijzonder
beperkt.
In
eerste instantie luidt het dat De Post en de overheid van oordeel
zijn dat de huidige dichtheid van het net beantwoordt aan de behoeften
van nabijheid, verbonden aan de uitvoering van de taken van openbare
dienst. Ten tweede bepaalt de beheersovereenkomst dat alle gemeenten
van het land over minstens één postkantoor of postaal
servicepunt moeten beschikken. Als De Post het enige postkantoor
in een gemeente wil omvormen tot een postaal servicepunt, heeft
ze daarvoor de goedkeuring nodig van de gemeentelijke overheden.
Als De Post toch plannen heeft om kantoren of servicepunten te sluiten,
dan moet ze die plannen eerst voorleggen aan de regering. Tenminste
als er geen ander postkantoor of servicepunt in een straal van vijf
kilometer ligt. Levert het overleg tussen overheid en De Post binnen
de drie maanden geen resultaat op, dan kan De Post doorgaan met
de aanpassing van haar netwerk.
De
Post mag wel "op een actieve en creatieve manier" haar
servicepunten ontwikkelen, door samenwerkingen aan te gaan met andere
verleners van openbare diensten. De Post denkt er bijvoorbeeld aan
servicepunten onder te brengen in gemeentehuizen. Er is wel een
belangrijke voorwaarde: "De prestaties moeten worden uitgevoerd
door personeel van De Post". De beheersovereenkomst legt De
Post een aantal taken van openbare dienst op - bedeling van kranten,
uitreiking van verkiezingsdrukwerk, betaling aan huis van pensioenen,
gratis omwisseling van munten in Belgische frank tegen euro, en
zo meer - én taken van algemeen belang die De Post moet vervullen
voor rekening van de staat. Onder het laatste valt onder mee de
sociale rol van de postbode ten aanzien van alleenstaanden en de
minstbedeelden, het afdrukken en leveren van elektronische post
en een dienst voor het certificeren van berichten. Voor die taken
van openbare dienst en van algemeen belang wordt De Post vergoed
door de staat. De beheersovereenkomst bepaalt wel dat De Post er
moet naar streven die diensten op een kostenefficiënte manier
te verlenen.
Afgelopen
jaar kreeg De Post van de overheid 210 miljoen euro, maar volgens
De Post was dat zeker 50 miljoen euro te weinig. De gewone brievenpost
en andere concurrerende activiteiten die De Post uitoefent, mogen
volgens de Europese richtlijnen niet door de overheid worden gesubsidieerd.
Een aantal concurrenten van De Post, onder wie de Belgische Vereniging
Direct Marketing, de Belgian Courier Association (koerierdiensten)
en de Free & Fair Post Initiative (FFPI), evenals het Verbond
van Belgische Ondernemingen (VBO) zijn alvast niet te spreken over
de nieuwe beheersovereenkomst, die deze week aan de ministerraad
wordt voorgelegd. Zij hebben hun bezwaren kenbaar gemaakt aan het
Belgisch Instituut voor Post en Telecommunicatie (BIPT), de toezichthouder
op de postdiensten.
Een
eerste bezwaar is dat de kwaliteitseisen die het beheerscontract
De Post oplegt voor de basispostdiensten (de brievenpost), niet
streng genoeg zijn. Het bedrijfsleven, met een aandeel van 85 procent
de grootste gebruiker van de basispostdiensten, eist dat hieraan
meer aandacht besteed wordt. Een tweede bezwaar luidt dat de andere
activiteiten van De Post onduidelijk worden afgebakend. Volgens
de concurrenten horen bijvoorbeeld elektronische diensten en grensoverschrijdende
diensten met zekere toegevoegde waarde niet thuis in een postmonopolie.
Ten derde vinden ze dat er in de beheersovereenkomst te weinig waarborgen
zijn ingebouwd om te vermijden dat De Post de ontvangen vergoedingen
voor taken van openbaar nut gedeeltelijk gebruikt om gewone commerciële
activiteiten te financieren. Dat komt neer op illegale subsidiëring,
zeggen de concurrenten. Ze vragen dat de beheersovereenkomst grondig
wordt herzien.
Bladzijde 1: regering krijg vetorecht.
(c)
De Standaard (VUM-Belgium) 2002. DE STANDAARD 29/05/2002
|